Tijdens een mountainbiketocht in de Oostenrijkse bergen maakt Henk Jan Room (Mede-initiatiefnemer van Shift Business) een val, waardoor hij met schaafwonden en een kapotte fiets achterblijft. Eerst voelt hij zich stiekem trots, alsof hij een gladiator is die strijd heeft geleverd, maar gaandeweg beseft hij dat avontuur niet alleen romantisch en mooi is: het kent ook pijn en risico. Die ervaring wordt een spiegel voor het leven: echt avontuur vraagt lef, inclusief het onder ogen zien van angst en onzekerheid. Met God aan zijn zijde mag hij risico’s aangaan, omdat Hij belooft te helpen en nabij te zijn. Hieronder zijn verhaal om je te inspireren.

Daar lag ik dan. Uitgestrekt op een pad vol scherpe stenen, ergens hoog in de bergen van Oostenrijk. Ik draaide op mijn rug en keek naar de lucht. Ik knipperde een paar keer met mijn ogen om na te gaan of ik alle kleuren en vormen nog scherp zag. Ja, dat zag ik. Inmiddels overeind gezeten draaide ik wat met mijn armen. Pijnlijk, maar het ging op zich nog wel. Ik zag dat de linker voorrem van mijn mountainbike uit zijn voegen was geraakt. Ik keek naar mijn shirt, dat verscheurd om mijn lichaam hing, en naar de schaafwonden daaronder. Ik voelde aan mijn helm: de linkerkant was gescheurd. Ik was blij dat ik hem op had.

Zo, wat onhandig dit. En dat zo aan het begin van mijn vakantie. Het was een uitglijder tijdens het afdalen, nadat ik een sprongetje over een plasje had gemaakt. Voor de zekerheid, omdat ik niet goed kon inschatten of er een kuil onder dat water zat. En toen dat afremmen. Veel te hard natuurlijk. In een split second dacht ik dat ik tegen een hekje zou knallen. Het bleken die flexibele stokjes te zijn die als spoorwegbomen over de weg hingen, waarschijnlijk om koeien de toegang te ontzeggen tot dat deel van het pad. Ik was ze onderweg al vaker tegengekomen. Ik wist dat ik er gewoon doorheen kon rijden, dat die stokjes mee zouden buigen. Maar in die split second na de jump kwam toch de verwarring. Ik remde maximaal… en ging onderuit.

’s Avonds voor de spiegel zat ik stiekem, met lichte trots, mijn schaafwonden over de rechterkant van mijn lichaam te bekijken. Ik voelde me een echte strijder. Welke Westerse huid wordt tegenwoordig nog zo geschonden? Hoogstens een kwetsbaar, dun en bleek velletje door al die schermtijd. Maar hier stond ik, mijn huid vol bloedschrammen te inventariseren. Ik had voor avontuur gekozen en daarmee ook voor risico. Dat had zijn consequenties. Ik voelde me als een gladiator die een gevecht had geleverd in de arena. En dat was niet zonder gevaar. Maar misschien voelde ik me daardoor juist maximaal ‘alive and kicking’.

Wat daarop volgde is wel een beetje gênant hoor. Maar ik ga eerlijk met je zijn. Niet doorvertellen. Ik pakte mijn telefoon en begon iets te doen waarvan ik dacht dat ik het nooit zou doen. Zeg nooit nooit, mensen. Ik zette mijn telefoon op camerastand en maakte foto’s in de spiegel van mijn ontblote lichaam vol bloedschrammen. Zo, mijn geleverde strijd was vastgelegd.

Tot zover het stoere deel van dit avontuur. De rest van de vakantie liep ik met mijn rechterarm onder mijn shirt.

Iedereen verlangt naar avontuur. Is jou dat ook al opgevallen? We zetten het zelfs hoog op ons lijstje. We voelen, bewust of onbewust, dat het onderdeel moet zijn van een vol en vervuld leven. Maar we praten er vaak over alsof het iets louter positiefs is. Net zoals we romantisch over de natuur kunnen spreken, als een voorbeeld van hoe het goed en mooi zou moeten zijn. Maar net zoals de natuur zijn rauwe randjes kent met vieze bacteriën, stinkende schimmels en ongenadige slachtpartijen tussen dieren, zo kent avontuur ook zijn donkere kanten vol risico’s. Risico’s die we in ons dagelijks leven vaak zo actief proberen te vermijden. Zolang je over avontuur praat in je veilige kamer met een glas wijn, kun je het romantiseren. Maar avontuur doen is vaak minder romantisch. Blijven we om die reden soms hangen in dagdromen en wensdenken?

We staan alweer voor een nieuw seizoen. Tegen welk avontuur mag jij ‘ja’ gaan zeggen? En wat van het oude inclusief beperkende angsten en overtuigingen mag je daarvoor loslaten? Durf jij, naast je dromen en wensdenken, ook de risico’s, de uitdagingen en de angst voor het onbekende die bij dat avontuur horen, onder ogen te zien? Want als we eerlijk worden naar onszelf, kunnen we erover praten met God. Dan kan Hij zijn waarheid erover spreken en zijn perspectief met je delen. Hij is zó goed en intiem! Hij wil dat jij de avonturen die in je hart leven met Hem deelt, zodat Hij jou kan meenemen in zijn avonturen. En die zijn groots, kan ik je vertellen! Wat een veilige gedachte. Hij belooft immers dat Hij onze rechterhand vastgrijpt. Hij zegt tegen ons: ‘Wees niet bevreesd, Ik help je.’ Daarom stel ik Hem voortdurend voor ogen. Omdat Hij aan mijn rechterhand is, wankel ik niet. En dáárom is mijn hart verblijd.

Daar sta ik dan. Stevig op mijn voeten op een pad, nog helemaal ongebaand, niet wetend waar precies. Ik draai om me heen, kijk naar de lucht en knipper een paar keer met mijn ogen om na te gaan of ik alle kleuren en vormen scherp zie. Bij lange na niet. Maar ik zeg: ‘Heer, ik vertrouw op U, laten we ervoor gaan!’

Henk Jan Room